Bacteriologisch onderzoek mastitis: wat levert het op?

Q-Scout kit met vier gekleurde monsterbuisjes voor uiergezondheid

Bacteriologisch onderzoek mastitis beantwoordt de vraag die een celgetal openlaat: welke bacterie zit er in de uier? Een verhoogd celgetal laat zien dat een koe reageert, maar niet waarom. Een melkmonster dat op de verwekker wordt onderzocht, geeft die duiding wel. Zo kiest u gericht in plaats van op gevoel. Dat bepaalt of en hoe u ingrijpt. Dit blog beschrijft wat u van het onderzoek mag verwachten en wanneer het zinvol is.

Wat bacteriologisch onderzoek mastitis laat zien

Een celgetal is een gemiddelde. Het meet de afweerreactie in de melk, niet de oorzaak. Onder 100.000 cellen/ml is een koe gezond. Boven 200.000 cellen/ml loopt zij een verhoogd risico op subklinische mastitis. Welke bacterie erachter zit, en of er wel een bacterie in het spel is, vertelt het getal niet.

Bij bacteriologisch onderzoek wordt een melkmonster onderzocht op de aanwezige verwekker. Niet elke bacterie reageert op dezelfde behandeling. Ook de herkomst verschilt. Sommige verwekkers komen vooral uit de omgeving van de koe, zoals ligbox en instrooi. Andere verspreiden zich van koe naar koe tijdens het melken. De uitslag wijst dus ook aan waar u in de stal moet kijken.

COWHS gebruikt hiervoor Jupiter AI. Dit systeem analyseert melkmonsters en identificeert de verwekker snel en gericht. U neemt het monster met het mastitismonster, waarna de analyse volgt. Zo krijgt u een uitslag die u direct kunt gebruiken in het gesprek met uw dierenarts.

Wanneer een melkmonster zinvol is

Bij klinische mastitis ziet u vlokken in de melk of een gezwollen speen. Neem in dat geval een monster voordat de behandeling start. Na een behandeling kan de uitslag vertekend zijn en mist u de basis voor een goede keuze. Komt het probleem terug bij dezelfde koe of in hetzelfde koppel, dan is een monster nog waardevoller.

Bij subklinische mastitis ligt het genuanceerder. Ongeveer 40 procent van de koeien met een nieuw verhoogd celgetal herstelt vanzelf binnen enkele weken. Elke koe direct bemonsteren is dan niet nodig. Blijft het celgetal bij meerdere metingen hoog, dan loont een monster wel. Q-Scout helpt daarbij, omdat het per speen en naar type immuunreactie onderscheid maakt.

Bacteriologisch onderzoek mastitis is het meest waardevol op momenten waarop u een keuze moet maken. Denk aan een koe met een hardnekkig hoog celgetal, een koe rond afkalven of een reeks gevallen in korte tijd. Stressmomenten rond afkalven verlagen de weerstand. Een infectie die u dan mist, loopt door in de lactatie.

Houd wel rekening met een beperking. Een monster is een momentopname, en sommige bacteriën komen met tussenpozen in de melk. Een negatieve uitslag sluit een infectie dus niet altijd uit. Herhalen en combineren met metingen per speen geeft meer zekerheid.

Gericht behandelen in plaats van standaard

Zonder uitslag behandelt een veehouder vaak volgens een vast patroon. Dat kost geld en levert niet altijd resultaat. Niet elke verwekker vraagt om antibiotica, en sommige infecties herstellen ook zonder. Bij andere is een gerichte behandeling wel verstandig. De uitslag maakt dat onderscheid zichtbaar.

Over de keuze zelf beslist uw dierenarts. Die bepaalt of behandeling nodig is en welke aanpak past bij de koe en de verwekker. Een uitslag geeft de dierenarts houvast en helpt onnodig antibioticagebruik te voorkomen. Meer over de aanpak leest u op onze pagina over uierontsteking behandelen.

Van uitslag naar maatregelen in de stal

Oorzaken van mastitis zijn zelden enkelvoudig. De weerstand van de koe, de hygiëne in ligbox en instrooi, de kwaliteit van het melkproces, de manier van melken en stress rond afkalven spelen allemaal mee. Ook speenbeschadiging tijdens het melken vergroot de kans dat bacteriën binnendringen. Eén uitslag lost dat niet op, maar geeft wel richting.

Een voorbeeld uit de praktijk. Vindt u vooral verwekkers uit de omgeving, dan kijkt u eerst naar ligbox, strooisel en instrooi. Vindt u verwekkers die van koe naar koe overgaan, dan staat het melkproces voorop: de melkvolgorde, de speenverzorging en de werking van de melkinstallatie. Zo wordt de uitslag een werklijst in plaats van een los rapport.

Diagnostiek laat zien waar het probleem zit. COWHS vertaalt deze inzichten naar concrete, datagedreven keuzes die direct toepasbaar zijn op het bedrijf. Alle resultaten komen samen in een cloudomgeving, zodat u en uw adviseurs met hetzelfde actuele beeld werken. Het uitgangspunt blijft voorkomen, niet genezen.

Dat loont. Een tankcelgetal boven 400.000 geeft risico op kwaliteitsproblemen en mogelijke kortingen. Een hoog celgetal kost bovendien tot ongeveer 0,5 liter melk per koe per dag. Gerichte keuzes beperken dat verlies, maar alleen als u de uitslag ook omzet in maatregelen.

Veelgestelde vragen

Wanneer neemt u een monster voor bacteriologisch onderzoek mastitis?

Bij klinische mastitis neemt u het monster voordat de behandeling start. Bij subklinische mastitis neemt u het wanneer het celgetal bij meerdere metingen hoog blijft. Ook bij herhaalde gevallen in het koppel is een monster zinvol.

Moet u elke koe met een verhoogd celgetal laten onderzoeken?

Nee. Ongeveer 40 procent van de koeien met een nieuw verhoogd celgetal herstelt vanzelf binnen enkele weken. Volg het celgetal eerst en bemonster de koeien waarbij het verhoogd blijft.

Bepaalt de uitslag welke behandeling een koe krijgt?

Nee, dat bepaalt uw dierenarts. De uitslag laat zien welke verwekker aanwezig is en helpt de dierenarts bij een gerichte keuze. Antibiotica zijn niet bij elke verwekker nodig.

Een eerste stap voor uw bedrijf

Onze diensten bieden wij aan in België en Duitsland. Bent u in Nederland gevestigd? Neem dan contact op met COWHS. Wij brengen u in contact met de juiste partij die dit voor u in Nederland kan verzorgen. Een bedrijfsanalyse is vaak de beste eerste stap, omdat die laat zien waar op uw bedrijf de grootste winst te halen valt.